Dat wat er is wil ik niet!

Contact. Intimiteit.
Ch: Wat is er met contact en intimiteit?

Ik zou er het liefst van weg rennen.
Ch: En blijkbaar ook niet.

Nee, ik heb er zo’n verlangen naar.
Ch: Hoe of waar ervaar jij nu contact? 

Er is veel spanning in mijn lichaam.
Ch: Waar ervaar je die spanning?

Hier (wijst op haar buik)
Ch: En hoe verhoud jij je tot die spanning?

Ik wil dat het weg is.
Ch: Je wilt dat het weg is. Dat wat zich nu aandient mag er niet zijn, maar we willen wel vol in contact zijn. We sluiten dus iets uit (spanning) want dat is niet oké.
Met dàt wat jij goedkeurt van jezelf mag er contact zijn, maar met een aantal aspecten mag er geen contact zijn want dat moet weg. Die wil je dus niet in het contact meenemen. Een kleine bandbreedte van jou mag er zijn en de rest moet weg.
Maar we willen wel ontspannen zijn EN open EN vol EN intimiteit beleven!!
That doesn’t make any sense!
Zou je ook nieuwsgierig kunnen worden naar dat wat er nu is! Zo van: ‘Ik zit tegenover Chahat en ik verlang naar contact en wat ik opmerk is spanning in mijn buik en die wil ik weg hebben. Wat is hier gaande?’ 

Wat er nu is, is dat warm of koud?

Het trilt.
Ch: Het trilt.

En het is warm.
Ch: Het is warm en trilt.

En het beweegt.
Ch: En het beweegt. En is er een grens aan de onderkant?

Ja.
Ch: Tot hoever loopt het hier? Waar houdt het op?

Prrff (maakt een geluid)
Ch: Ook interessant!. Hier hebben we trillende warmte en daar hebben we prrff.

Hard.
Ch: Warm, koud?

V: Koud. Staal.
Ch: En hoe verhoud je je daar toe?

Ik wil dat het helemaal weg is.
Ch: Wat we hebben willen we niet en wat we niet hebben willen we. Ziehier de menselijke spanning en zijn dilemma in een notendop!
Wat hebben we nog meer. Je billen, mogen die er zijn?

Die zijn zacht.
Ch: Die zijn zacht en hoe voelt dat?

Fijn.
Ch: Zachte billen; die hoeven niet weg?

Nee.
Ch: Kijk aan.
Wat voelt er aangenaam in je lichaam? Waar is het goed?

Mijn benen.
Ch: Je benen. Als je je benen een kwalificatie moest geven, wat zijn ze dan?

Mijn vrienden!
Ch: Wow, je benen zijn je vrienden. Hoe is dat om dit zo te bezien en te benoemen? Komen we daardoor dichter bij elkaar?

Ja.
Ch: Er ontstaat dus meer contact en nabijheid als we ‘zijn met wat er is’. We komen niet dichter bij elkaar door een IDEE te hebben over hoe het zou moeten zijn VOORDAT we contact kunnen hebben. Dat lijkt er eerder tussen te staan.

Dit is zo’n moeilijke oefening voor mij.
Ch: Kun je in de intimiteit met jezelf alles ontvangen en ook zien waar je mee strijdt en ook zien waar je een voorkeur hebt.
De strijd zien voor wat die is; ‘welkom strijd’, de voorkeuren zien voor wat ze zijn; ‘welkom voorkeuren’ en ook welkom zeggen tegen ‘levendig en warm’, tegen ‘koud en staal’, tegen ‘zachte billen’ en ‘je vriendjes de benen’. Want dat is het enige vertrekpunt. Intimiteit en contact beginnen daar waar jij nu bent, met wat het ook is. Contact en intimiteit beginnen niet straks als alles is zoals ik het graag zou willen!

Dit is het ‘werk’ wat altijd gedaan moet worden. Altijd, je hele leven lang. Het houdt niet op!
(lacht) Ik adviseer je dus om het leuk te gaan vinden! Je moet het namelijk toch doen!!
Ik wil ook in gesprek